Eugène DELACROIX | Lion with sheep

Drawing
Pen on paper | ?

Ferdinand Victor Eugène Delacroix (Charenton-Saint Maurice, 26 april 1798 – Parijs, 13 augustus 1863) wordt gezien als de belangrijkste Franse kunstschilder van de romantiek (vandaar dat hij ook weleens "Le prince des romantiques" genoemd wordt), naast de jong gestorven Théodore Géricault. Hij wordt ook wel een "literair schilder" genoemd (onder meer door Baudelaire) omdat hij zijn thema's vaak ontleende aan schrijvers als Shakespeare (Hamlet et Horatio au cimetière) en Dante (Barque de Dante).

Delacroix werd geboren in een dorp nabij Parijs. Over zijn afstamming is veel gespeculeerd. Charles Delacroix, zijn vader, was Minister van Buitenlandse Zaken onder het Directoire en was vanaf 1797 ambassadeur van Frankrijk in de Bataafse Republiek. Hij maakte onder andere deel uit van de revolutionaire Convention die in 1793 had gestemd voor de terechtstelling van Lodewijk XVI. Eugène Delacroix' werkelijke vader was zeer waarschijnlijk Charles-Maurice de Talleyrand, die zijn moeder vaak gezelschap hield. (Talleyrand zou hem later krachtig steunen in zijn carrière). Victoire Oeben, Delacroix' moeder, stamde af van een meubelmakersfamilie uit Duitsland (Oeben en Riesener) die onder meer voor Lodewijk XV zou hebben gewerkt. Na zijn studie aan het Lycée Napoleon begon hij zijn kunstenaarsloopbaan in het atelier van Baron Guérin. Hier leerde hij onder meer Géricault kennen, die invloed zou uitoefenen op het werk van Delacroix (vergelijk de Bark van Dante, die duidelijk geïnspireerd was op Het vlot van de Medusa van Géricault). Hij zette zijn studie in 1816 voort aan de École des Beaux Arts. Delacroix werd ook onderwezen door Jacques-Louis David. Verder is er in de werken van Delacroix invloed te merken van onder meer Peter Paul Rubens (met name de Medici-cyclus, die Delacroix bewonderde), Paolo Veronese en Francisco Goya.

Zijn eerste pogingen om de Prix de Rome te halen hadden geen succes. Toch toonde hij zijn bijzondere begaafdheid al in 1822 met zijn kleurrijke Bark van Dante. Met deze afbeelding van Dante en Vergilius in de vijfde ring van de hel, die tentoongesteld werd op de Parijse salon, werd hij meteen opgemerkt. Het was dan ook de Franse gouverneur die het schilderij kocht voor 2000 francs. In 1824 werd hij kennelijk geïnspireerd door De Hooiwagen van John Constable, die te Parijs werd geëxposeerd.

Het enthousiasme over het werk van Delacroix was echter niet altijd onverdeeld. Zo is het bekend dat Ingres gekant was tegen het werk van Delacroix, en Baron Gros noemde zijn Bloedbad op Chios spottend: "Het bloedbad der schilderkunst".

In 1825 verbleef hij een aantal maanden in Engeland (Londen) waar onder meer zijn vriend Richard Parkes Bonington verbleef. Hij kwam er duidelijk onder de indruk van de creativiteit van de dichter Lord Byron en van de schilder John Constable. Dit komt zeker tot uiting in zijn techniek en kleurwerking, die hem in de rest van zijn carrière steeds meer zou gaan typeren.

Intussen stelde een erfenis van 10.000 pond hem in staat zich ongehinderd op zijn kunst toe te leggen. Hij zette imposante historische voorstellingen op touw en in 1828 exposeerde hij op de Salon zijn befaamde doek Dood van Sardanapalus, dat veel discussie opriep. Enkele jaren later volgde het bekende schilderij De Vrijheid voert het Volk aan.

1832 betekende een definitief keerpunt in zijn carrière. Hij maakte toen als historieschilder deel uit van een diplomatiek gezantschap naar Marokko ter gelegenheid van de verovering van Algerije door koning Lodewijk Filips. Tijdens deze reis, die ook onder meer voerde naar zowel Algerije, als Spanje, leerde hij de klassieke oudheid kennen, naast de magie van de kleuren en het licht in de schilderkunst van Francisco Goya en Diego Velázquez. Deze reis oefende een grote invloed uit op zijn werk. Naast de lichtwerking en kleuren die nog meer benadrukt werden, is er bijvoorbeeld ook in de thematiek een grotere nadruk op het oriëntalisme, het exotisme (zie bijvoorbeeld Femmes d'Alger dans leur appartement, het erotisme en de strijd tussen het wilde, primitieve dier en de mens (bijvoorbeeld de leeuwenjacht-taferelen, 1861 in Art Institute of Chicago)). Dit zijn allemaal typerende kenmerken van de Romantiek.

Tussen 1833 en 1847 vielen hem talloze decoratie-opdrachten in officiële gebouwen te beurt, zoals de Salon du Roi en de bibliotheken van het Palais Bourbon en het Palais du Luxembourg.

In de laatste tien jaren van zijn leven realiseerde hij nog drie belangrijke decoratieve ensembles: het centrale plafond van de Apollon-galerij in het Louvre, de Salon de la Paix in het Parijse stadhuis, en de Saint-Anges-kapel in de Saint-Sulpice.

Delacroix triomfeerde op de Wereldtentoonstelling van 1855 met tweeënveertig doeken, waaronder de bekende leeuwenjacht-taferelen. Hierna werkte hij nog bijna uitsluitend aan de decoratie van de Église Saint-Sulpice, die hij pas in 1861 beëindigde met Héliodore verjaagd uit de Tempel en zijn spiritueel testament, Het gevecht van Jacob met de engel.

Delacroix illustreerde werken van William Shakespeare, de Schotse schrijver Sir Walter Scott en de Duitse schrijver Goethe met litho's.

Nadat hij zich zeven keer kandidaat gesteld had voor het lidmaatschap van de prestigieuze Franse Académie des Beaux-Arts, zou hij in 1857 uiteindelijk tot lid benoemd worden. Op het einde van zijn leven zou Delacroix meer en meer vereenzamen (dit zou komen door de kritiek) en uiteindelijk stierf hij op 65-jarige leeftijd in zijn appartement aan de Place Furstenberg, dat hij had betrokken in 1857, in de nabijheid van de Saint-Sulpice-kerk. Hij werd begraven op het kerkhof van Père-Lachaise.

Door onder meer zijn benadrukking van kleuren en lichtwerking en de soms onjuiste perspectiefwerking, waar Delacroix minder belang aan hechtte, doen zijn werken modern aan. Anderzijds zijn er duidelijk barokinvloeden van bijvoorbeeld Rubens in aanwijsbaar. Hij was dan ook van invloed op onder meer de impressionisten aan wie hij door zijn kleurwerking een impuls gaf. Verder zou bijvoorbeeld Vincent van Gogh in 1889 de Pietà van Delacroix uit 1850 kopiëren.

Dimensions: 11cm x 16,8cm
Inventory #: 143
You do not have permission to send new message!

Other works

William Pura

House on Stafford Street

Greg Piazza

Forgotten

Charles Dunbar

Bagatelle #13

Joshua Rose

Something New